Posts tonen met het label zuid-afrika. Alle posts tonen
Posts tonen met het label zuid-afrika. Alle posts tonen

dinsdag 26 mei 2026

Gemengde gevoelens bij de memoires van een activiste

Memoires van een activiste van Conny Braam is een fascinerend boek. Het zijn niet zomaar memoires van iemand die maatschappelijk actief was. Het zijn de indrukwekkende herinneringen van een vrouw die van begin tot het eind het gezicht was van de anti-apartheidsstrijd in Nederland, de voorzitster van de Anti-Apartheidsbeweging Nederland. Het was een organisatie die vanwege de geschiedenis van Nederland met Zuid-Afrika ook internationaal veel gewicht had in de beweging tegen apartheid. Uit de memoires komt het beeld naar voren van een onvermoeibare, strijdbare vrouw. Geen eenling, maar onderdeel van een beweging, die geëerd wordt door de namen van alle honderden medewerkers die voor- en achterin het boek worden genoemd, een mooi collectief eerbetoon. 




 Ze beschrijft de ontmoeting met de Zuidafrikaan Berend Schuitema en de oprichting, de acties in Nederland, de internationale bijeenkomsten en de ontmoetingen met veel historische ANC-leiders, zoals Ismael Ebrahim, Mac Maharaj, Inan Pillay en Ronnie Kasrils. Uiteraard komt ook in detail het ongehoorde kunststuk van de periode aan de orde: Operatie Vula, waarmee een directe communicatielijn tot stand werd gebracht tussen de ANC-ballingen en Nelson Mandela en de binnenlandse leiders. Een operatie waarvoor Braam persoonlijk was benaderd en die ze met een enorme gedrevenheid kon opzetten met hulp van allerlei experts en ook gewone Nederlandse burgers die tegen de apartheid waren. Over Operatie Vula schreef Braam eerder een boek, maar ze besteedt er in haar memoires terecht ook veel aandacht aan. Ook nu nog kun je alleen maar met bewondering lezen over deze bijna onvoorstelbare operatie. 

 Braam beschrijft ook de tol die het activisme eiste, met name de gevolgen de poging tot dodelijke vergiftiging die haar in 1987 in Harare trof en tot lange gezondheidsproblemen leidde. Een tol die na het einde van de apartheid bovendien in verhevigde mate tot uiting kwam. 

 Er zit ook een andere kant aan het activisme van Braam, de weinig kritische houding tegenover het ANC. De oprichting van het concurrerende Komitee Zuidelijk Afrika wordt genoemd, maar aan de onderlinge verhoudingen en aan voorman Sietse Bosgra worden verder slechts wat neerbuigende woorden gewijd. Ook ongenoemd blijven de berichten over het optreden van het ANC in de vluchtelingenkampen tegen kritische leden. 

 De grote invloed van Steve Biko en zijn Black Consiousness Movement op de Soweto-generatie, in het United Democratic Front en op de ANC-ballingen komt onvoldoende aan de orde; voor Braam telt alleen het Freedom Charter van het ANC. Mijn vermoorde vriend Mark-Anthony Williams was een uitgesproken vertegenwoordiger van die jongere generatie: beinvloed door Biko’s denken, actief in UDF en later ANC (zie deze herinnering).

 Van de TRC, de Waarheids- en Verzoeningscommissie, moet zij niets hebben, schuldigen moesten in haar visie gewoon gestraft worden. Over Desmond Tutu, voorzitter van de TRC, schrijft ze naar aanleiding van het verzoek te komen getuigen weinig respectvol: “Een verklaring afleggen was tot daar aan toe, maar verschijnen voor een commissie geleid door een aartsbisschop met een schreeuwerige crucifix op de borst en de Heilige Schrift als dwingende leidraad ging me te ver.” 

 Voor Braam lijken Nelson en Winnie Mandela boven elke kritiek verheven. Het meeslepende en deels ontluisterende boek van Jonny Steinberg over de relatie tussen de twee komt niet op haar literatuurlijst voor, positief citeert ze de documentaire over Winnie Mandela van de Franse Pascale Lamcha, die Winnie Mandela alleen als slachtoffer presenteert. De rol van de door jarenlange vervolging geradicaliseerde en verharde Winnie Mandela en haar lijfwachten in het door geweld verscheurde Soweto met zijn halsbandmoorden komt slechts zijdelings aan de orde. 



Het einde van de apartheid, gesymboliseerd door slegs vir blankes-bordjes in Freedom Park in Tshwane (Pretoria)



 Braam is kritisch over de neoliberale weg die Zuid-Afrika onder Mandela’s opvolger Thabo Mbeki insloeg, met privatiseringen, bezuinigingen en vrijhandel: “Het ANC had zich laten vastzetten in het keurslijf van het Westen. Elke keer als ze probeerden zich los te wrikken, werden ze beschuldigd van onbetrouwbaarheid die zou worden afgestraft met devaluatie van de munt, kapitaalvlucht en besnoeiing van hulp.” Braam rekent dat vooral Mbeki aan . Uit het hoofdstuk in het belangrijke boek The Shock Doctrine, The Rise of Disaster Captalism van Naomi Klein, eveneens een boek dat Braam niet citeert, blijkt dat deze ontwikkeling echter al begon vanaf de vrijlating van Mandela, in de onderhandelingen met De Klerk en onder druk van het Westen en zijn instellingen. Mbeki was daarvan wel een groot voorstander en gaf er een grote zet aan. Maar het begon niet met hem…. 

2024, actie bij het Gerechtshof in Johannesburg



 Deze kanttekeningen maken van de memoires van Conny Braam een indrukwekkend boek met tragische kanten. Niet voor het eerst zien we dat een enorme identificatie met en onaflatende inzet voor een gerechtvaardigde zaak en haar leiders kunnen leiden tot blinde vlekken en een te weinig kritische blik.

Conny Braam, Memoires van een activiste, De Arbeiderspers, 504 pagina’s, 29,99.

maandag 26 augustus 2024

Een bijzondere reis naar Mamelodi. Een halve eeuw politieke herinneringen, aflvering 23

In februari 2023 schreef ik in aflevering 22 van mijn halve eeuw politieke herinneringen over mijn Delftse `GroenLinks-vriendin Corina Heuvelman en haar dertigjarige inzet voor de township Mamelodi bij Pretoria in Zuid-Afrika. Op dat moment was duidelijk dat Corina vanwege keelkanker niet lang meer te leven had en dat was voor mij de aanleiding om de aflevering te schrijven. Ze was er erg blij mee. 

Op 8 augustus van vorig jaar overleed Corina op 74-jarige leeftijd in haar huis aan de Koornmarkt, waar ze tot het einde wilde blijven. Ik was op dat moment op vakantie in Frankrijk. In de week voor mijn vertrek had ik haar voor het laatst gezien en met haar nog de muziek besproken die ze bij haar afscheid wilde horen: onder meer Nkosi Sikelele Africa en ook op mijn suggestie het prachtige Melody from Mamelodi van Vuhsi Mahlasela, de populairste muzikant van de township (“de nachtegaal van Mamelodi”). 

 Dat afscheid was op 16 augustus in Theater de Veste. Oud-wethouder Rik Grashoff memoreerde de rol van Corina in de totstandkoming van het theater in de periode dat zij wethouder was (1990-1994) en sprak ook over haar stoïcijnse, positieve en niet-klagende rol in de fractie nadat ze als wethouder aan de kant was gezet. Ik vertelde over haar betrokkenheid bij Zuid-Afrika en las een afscheidsgroet voor van Pasty Malefo, vooraanstaande ANC’er uit Mamelodi, en een emotioneel gedicht van vriendin Busi Mgiba, die Corina echt zag als een toeverlaat, moeder en inspirator. In Zuid-Afrika volgden een aantal van de mensen waarmee Corina veel contact had in de loop der jaren de bijeenkomst via een live-stream. 

Corina wilde dat een deel van haar as verstrooid zou worden in Mamelodi. In het bestuur van onze stichting Delft-Mamelodi werd besloten dat ik samen met mede-bestuurslid Meluhli Sibanda, een Zuid-Afrikaan die al twintig jaar in Nederland woont, die wens zou gaan vervullen. Op 6 januari ging ik op Schiphol door de security met een urn met Corina’s as in mijn handbagage. Voor mij heel bijzonder, maar op Schiphol dagelijkse routine. De overlijdensacte en de verklaring van het crematorium hoefde ik niet te laten zien. Aangekomen in Johannesburg kon ik ook zo doorlopen. 

 We landden ’s avonds laat in Johannesburg en Meluhli reed ons van het vliegveld naar ons guesthouse in de chique wijk Groenkloof in Pretoria (tegenwoordig Tshwane). We kwamen erachter dat deze wijk inmiddels slechts op een enkel punt via een bewaakte post bereikbaar is, een voorbeeld van de groei van het aantal fenced communities in het door criminaliteit geteisterde land. 

Met Meluhli in het guesthouse in Groenkloof


De volgende dag vertrokken we naar het community center in Mamelodi-West, waar een afscheidsbijeenkomst voor Corina plaatsvond. Daar ontmoetten we de bestuurders van de evenknie van onze Stichting in Mamelodi: Busi, Magdalene (Maggie), Elisabeth (Baba), Sandy en Frank. Voorzitter Sandy Lebese was leider van de scholierenopstand in Mamelodi ten tijde van de Soweto-opstand van 1976 en kreeg toen als 18-jarige een straf van zeven jaar op Robbeneiland, waar hij schaakte met Mandela. In de zaal waren zo’n 25 mensen bekenden van, waaronder ook jazzmuzikant Jesse Mogale en mensen die ik eerder tijdens bezoeken had leren kennen. Grote afwezige naast inmiddels overledenen als Daniel Mampuru (Cheetah) en Jimmy Mnisi: de inmiddels oude Pasty Malefo, met hem kregen de anderen geen contact. We hoorden gebeden van vrouwen van de ANC Womans League in kleurige klederdracht, dans van de groep jongeren die van Busi een theater- en dansopleiding krijgen, een geweldig muzikaal duo uit Mamelodi en toespraken van Sandy, Busi en Maggie. Ik vertelde met de urn in mijn hand over de laatste wens van Corina en vertelde dat haar overlijden onvermijdelijk was en dat zij vredig was heengegaan.

Vanaf links: Frank, Busi, Baba, Maggie en Frank

Sandy spreekt met Busi naast hem

De dansgroep van Busi

Het muzikale duo

Spreken met de urn in mijn hand


Daarna vertrokken we met een kleiner gezelschap naar de heritage-site Mamelodi Rondavels, een complex van ronde gebouwen met rieten daken waarin Desmond Tutu als jonge student nog gewoond heeft. Gebouwd door het apartheidsregime toen de wijk na de Tweede Wereldoorlog werd opgericht, maar de zwarte bevolking niks in deze zogenaamd authentieke Afrikaanse woningen. Helaas moest ik constateren dat het complex inmiddels in staat van vergaande verwaarlozing verkeert door vandalisme en brandstichting. Ter plekke verstrooiden Sandy en ik samen Corina’s as bij de rondavels en werden er gebeden opgezegd en gezongen. We hadden Corina’s laatste wens vervuld. Na terugkeer in het buurthuis was er een uitgebreide, door Busi bereide lunch. Want eten hoort erbij in Zuid-Afrika op dit soort momenten, net als de gebeden en gezangen. 



De overblijfselen van een rondavel

Met Meluhli en Sandy bij de rondavels

Het verstrooien van de as


De dag daarop bespraken we op de Mamelodi-campus van de University of Pretoria samen met de bestuurders van de Mamelodi-stichting de kansen om het rondavelcomplex te renoveren en te ontwikkelen als een centrum voor toerisme, horeca, opleiding en buurtactiviteiten. Een al lang bestaande en door Corina gekoesterde wens. De bijeenkomst op deze locatie was mogelijk gemaakt door docente Martina Jordaan en werd geweldig gemodereerd door ons oude contact David de Waal, een bondgenoot uit duizenden, die precies weet hoe je verschillende mensen in Zuid-Afrika wel en niet moet aanspreken. Op de grote universitaire campus en dit deel van Mamelodi bleek al maandenlang geen water te zijn, naar we hoorden omdat bewoners van townships het aftappen. We werden het eens over de verdere plannen met de rondavels, met een nadruk op de opleidingsmogelijkheden voor de jongeren in Mamelodi. Eerste stap is om formeel de grond van de gemeente in beheer te krijgen. 

David de Waal aan het woord


Op dinsdag gingen Meluhli en ik samen met Busi en Maggie naar het Lesedi Cultural Village, een grote attractie in de regio, met gelikte muziek- en dansvoorstellingen, nagebouwde dorpen van verschillende Zuid-Afrikaanse culturen, souvenirshops, gastenverblijven en een restaurant. Lesedi liet zien welke mogelijkheden er in de Mamelodi-rondavels in beginsel allemaal zijn en wat daar qua opzet, budget en organisatie allemaal bij komt kijken. Terug in Mamelodi zetten we Busi en Maggie af bij hun huizen. Busi bij haar huis in Mamelodi-West, een zoete inval voor de jongeren waar ze mee werkt en bij Maggie in Mamelodi-Oost, waar Corina tijdens haar eerste bezoek logeerde. In hun huizen namen we afscheid van deze twee geweldige, krachtige vrouwen. 




Op woensdag bezocht ik met Meluhli de prachtige grote, indrukwekkende botanische tuin in Pretoria en daarna reed hij me naar de woning van Emelia, de weduwe van mijn vermoorde vriend Mark (zie herinnering 8) slachtoffer van een politieke afrekening omdat hij corruptie op het spoor was. Emelia woont tegenwoordig in een zwaar bewaakte compound in Irene, omdat ze zich daar veilig voelt. Het was een emotioneel weerzien, de eerste keer dat we elkaar zagen na de begrafenis van Mark in januari 2015. Ook zoon Scott was van de partij, dochter Lauren was helaas in Kaapstad. Emelia slaat zich er met hulp van haar kinderen doorheen, de hoop dat de moordenaars van Mark nog een keer gestraft zullen worden is er eigenlijk niet meer. 

Bij Emelia

Ik logeerde twee nachten bij Emelia. Ze liet me de grote compound zien, inclusief golfbaan, winkels, een restaurant en sportvoorzieningen. Op de compound veel grote nieuwe huizen, maar de buurt van Emelia bestaat uit oudere woningen die opgenomen zijn in de compound. Op donderdag bezocht ik Johannesburg. Eerst het in de regen mistroostige gevangenis- en rechtbankcomplex Constitution Hill, daarna het enorme luxe winkelcentrum in Sandton. Een groter contrast is moeilijk voorstelbaar: aan de ene kant de geschiedenis van de Apartheid in de barakken met cellen, aan de andere kant winkels en restaurants die ook in Europa zouden kunnen staan. ’s Avonds ging ik met Emelia en Scott eten in Whisk, een gezellige en geanimeerde bar-restaurant buiten Irene. Op dit soort plekken in Zuid-Afrika zie je een heel gemengd publiek van zwarten, kleurlingen en witten en voelt iedereen zich welkom. 

Speelgoed van papier maché, gemaakt door gevangenen

Vrijdag overdag bezocht ik met Scott nog Freedom Park in Pretoria, een groot museumperk dat na het einde van de Apartheid is gebouwd en niet toevallig vlakbij het Voortrekkermonument is aangelegd. Een heel modern en interessant complex, zowel binnen als buiten, maar meteen naast de ingang was een wijk waar golfplaten hutten in de tuinen van de huizen waren gebouwd. Daarna gingen we nog naar restaurant Blue Crane in vogelreservaat Austin Roberts, een schitterende oase in de stad. 

Met Scott in Freedom Park

Vrijdagavond brachten Emelia en Scott me naar Oliver Tambo Airport in Johannesburg en kwam er een einde aan een enerverende en onvergetelijke week.

dinsdag 28 februari 2023

Mamelodi en een solidaire erfenis van dertig jaar. Een halve eeuw politieke herinneringen, aflevering 22

Hoe moet het verder met onze activiteiten in Mamelodi, de grote zwarte township in Zuid-Afrika bij wat vroeger Pretoria heette? Die vraag bespreken we met het bestuur van onze Stichting Delft-Mamelodi op 18 januari 2023, in het monumentale pand van voorzitter Corina Heuvelman aan de Koornmarkt. De vraag is acuut, omdat Corina ernstig ziek is.

Bij de Delftse activiteiten in Mamelodi en Pretoria ben ik sinds 1994, toen ik lid werd van de Delftse gemeenteraad. De gemeente Delft was al vanaf het begin van de jaren tachtig actief in de strijd tegen apartheid in het LOTA (Lokale Overheden tegen Apartheid). In 1994, het jaar van de eerste vrije verkiezingen in Zuid-Afrika, ging GroenLinks-raadslid Corina Heuvelman als waarneemster naar De Aar in de conservatieve witte Vrijstaat. Er waren al contacten uit de apartheidstijd en er kwam een samenwerking met de township Mamelodi bij Pretoria tot stand. Er kwamen delegaties uit Mamelodi naar Nederland, bestaande uit burgeractivisten van SANCO, die programma’s over democratisering en burgerschap volgden. Onder de deelnemers was de onbetwiste en innemende leider Pasty Molefo, inmiddels een succesvol zakenman en nog steeds betrokken bij de contacten met Delft. In 1999 leidden de contacten tot een formele stedenband tussen Delft en Pretoria (later vernoemd tot Tshwane). Het officiële document op perkament hing jaren in het statige Delftse stadhuis.

Een deel van Mamelodi

Mamelodi is een van de grote zwarte townships van Pretoria, opgericht na de Tweede Wereldoorlog en de institutionalisering van segregatie en apartheid. Mamelodi ligt op twintig kilometer van het centrum en had maar één toegangsweg. Er wonen naar schatting een half miljoen mensen, waarbij het westen het oudste en minst arme gedeelte is. Er zijn sinds het einde van de apartheid veel eenvoudige huizen gebouwd, maar door de trek vanaf het platteland groeien er steeds sloppenwijken aan, het patroon dat we overal op de wereld zien. In het recente, indrukwekkende boek De koerier van Maputo over de Nederlandse anti-apartheidsactivist Klaas de Jonge van Jenne Jan Holtland blijkt dat De Jonge ook actief was in Mamelodi. Daar zaten inwoners Ezekiel Maseko en Freddie Shongwe achter de grote bomaanslag op de Nedbank in 1983, waar de Afrikaanse luchtmacht kantoor hield. Beiden kwamen zelf om het leven bij de aanslag.

Vanuit de gemeente Delft werden allerlei activiteiten opgezet, waaronder een groot ontwikkelingsproject bij station Eerstefabrieke op de grens tussen Mamelodi en kleurlingentownship Eersterus. Ook was er een woningbouwproject en samen met de Delftse woningbouwcorporaties werd gepoogd een corporatie naar Nederlands model op te richten. Samen met de welzijnsorganisatie SWD werd een HIV-project ter plekke opgezet , met een handleiding voor scholieren.

Vanuit het Platform (later stichting) Delft-Mamelodi werden vooral allerlei kleinschalige projecten in de township gesteund: materiaal voor crèches en bouw ervan, steun aan opvangproject SOS Kinderdorp, opzetten van arts and crafts, computers en -lessen voor en in Mamelodi High School, een sportproject, een muziekproject, een moestuin bij de school.

Corina was vanaf 1994 tot heden de spil van al deze activiteiten en bezocht Mamelodi met grote regelmaat. Tegenslagen konden haar nooit van de wijs brengen, altijd was ze enthousiast over nieuwe plannen en over de ontmoetingen in Mamelodi.

Corina tijdens het bosberaad van 2004

Zelf bezocht ik Mamelodi voor het eerst in 2001, toen ik met mijn gezin op bezoek was onze vriend Mark. Ons contact Ntsako Charle, werkzaam bij het toeristenbureau op Church Square, leidde ons rond in een auto met chauffeur. Bij de entree van Mamelodi zagen we het indrukwekkende standbeeld voor de gevallen ANC-strijders, waaronder Solomon Mahlangu, een jonge gewapende anti-apartheidsstrijder die door het regime is opgehangen op 6 april 1979. Later reden we langs het huis van zijn moeder, die daar buiten met een door verdriet verscheurde blik voor zich uit zat te staren. We zagen ook het park waar veel muziekoptredens zijn; bassist Jesse Mogale (zie ook) was een van de contactpersonen van de stichting, hij speelde in de band van zijn broer Moss. Jesse en Moss kwamen later nog een keer in Delft met een groep muzikale jongeren in het kader van een muzikaal uitwisselingsproject, jongeren uit Delft gingen naar Mamelodi. We zagen ook het Pitje-voetbalstadion van Mamelodi Sundowns, dat inmiddels ontmanteld schijnt te zijn. Bijzonder zijn ook de rondavels, aan het eind van de jaren veertig bij de bouw van Mamelodi opgezet als een traditionele Afrikaanse kraal. De mensen die naar Mamelodi kwamen wilden er niet in wonen, de rondavels werden onderwijsgebouwen. Desmond Tutu heeft er in zijn jonge jaren een tijdje onderwijs gevolgd. Er is een plan om het complex – nu geteisterd door vandalisme - op te knappen en geschikt te maken voor toerisme en gemeenschapsactiviteiten.

Het monument voor de omgekomen ANC-strijders

We werden met alle egards - ik vertegenwoordigde immers de gemeente Delft - ontvangen door ANC-parlementslid Moss Chikane, die later ambassadeur in Duitsland en Zambia werd en een grote rol had gespeeld in de anti-apartheidsstrijd en de terugkeer van ballingen had gecoördineerd. Hij woonde in een kast van een huis met marmeren vloeren en een Mercedes voor de deur. Met hem wisselden we wat politieke oppervlakkigheden uit, onder meer over de aanstaande komst van de euro. Ook bezochten we Pasty Molefo in zijn huis, die flessen Castlebier liet aanrukken en joviaal was als altijd (“Weet je wat het probleem met Indiërs is? Ze begrijpen niks van voetbal. Ze openen een winkel bij elke corner”).

Met Audry, Tamar en David bij Moss Chikane


Thuis bij Pasty

Twee keer bezocht ik met Corina namens de Stichting een “bosberaad’ met de mensen in Mamelodi, een overleg om alle zaken gestructureerd door te nemen. De eerste was in oktober 2004 en vond plaats in het park Dikholohlo bij Brits, een plek die je in geen enkele resigids tegenkomt, maar een prachtplek met geweldige vogelgeluiden, kudu’s, antilopen, giraffen etc. Bij de witte receptie in het park wilden ze niet geloven dat Pasty de leiding had en zou betalen voor de hele groep…. We bespraken er projectplannen, met behulp van de geweldige consultant David de Waal, die in Rwanda verzoeningsgesprekken had gevoerd tussen Hutu’s en Tutsi’s. Bij de deelnemers ook belangrijke ANC-raadsleden uit Mamelodi, Daniel “Cheetah” Mampuru en Sandy Lebese. Sandy had op Robbeneiland gezeten en daar schaken geleerd van Mandela.

Dikholohlo

Plezier tijdens het bosberaad van 2004

Bosberaad 2004

Het tweede bezoek was in februari 2008 in conferentieoord Kopanong vlakbij het vliegveld van Johannesburg. Daar ontmoetten we Busi Ka-Mgiba, die een toneelgezelschap van jongeren leidde dat op de gevaren van aids wees. Ook van de partij was Clement Ntlailana, die optrad als coördinator; later dat jaar bleek tot onze grote teleurstelling dat hij geld voor eigen doeleinden had gebruikt… Onvergetelijk is dat het hele gezelschap al swingend een verjaardagslied voor me zong; symbolisch voor de hartelijke vrolijkheid die Zuid-Afrika ondanks alle ellende kenmerkt en samen met de natuur een reden is om zielsveel van het land te houden .

Happy birthday

Deelnemers bosberaad 2008, achter me Corina, naast me Busi, naast Corina Sandy, tweede van links bovenaan David de Waal, voor hem Martina Jordaan, links vooraan Clement


.We logeerden in guesthouse Meintjieskop in de buurt van de Union Buildings in Pretoria, eigendom van Willem en Marcia, goede vrienden van Corina. In het verraderlijk koude zwembad kreeg ik er bijna een hartaanval, ’s avonds vierden we er mijn verjaardag met een driegangendiner op een heerlijke lenteavond.

Tijdens beide bosberaadbezoeken had ik ook gelegenheid om mijn vriend Mark-Anthony Williams (zie herinnering 8) te bezoeken in zijn huis aan de Creusot Avenue in de wijk Elandspoort.

De inspanningen vanuit de gemeente werden met het verstrijken van de jaren langzaam maar zeker minder. De politieke wisselingen en schermutselingen in Pretoria hielpen niet en in Nederland was er minder en minder enthousiasme voor stedenbanden gebaseerd op solidariteit; in de tijden van het neoliberalisme kwam het economische nut centraal te staan. Ambtenaar Jan Alderliesten, vanaf het begin naast Corina een van de motoren van de samenwerking, was inmiddels vervangen en we gingen zijn gedrevenheid missen. Uiteindelijk besloot de gemeente Delft in oktober 2012 de stichting geen subsidie meer te geven. Een passievol pleidooi van mij bij de gemeenteraad haalde niets uit, de tijden waren veranderd en in 2017 werd de stedenband ook formeel beëindigd. 

Onze projecten in Mamelodi vanuit de stichting liepen ook beslist niet allemaal op rolletjes. Communicatie was niet altijd makkelijk buiten de bezoeken die we brachten en het werken met business plannen en het zoeken naar eigen inkomsten bleef en blijft problematisch. Ik troost me maar met de gedachte van Martina Jordaan, docente aan de universiteit van Pretoria, die een keer zei: al is er maar één persoon in staat gesteld om zich te ontwikkelen is het de inspanning al waard geweest. Vanaf 1994 is er in Mamelodi veel veranderd, maar armoede, werkloosheid, geweld en uitzichtloosheid blijven er net als in Zuid-Afrika als geheel een groot probleem. De neergaande spiraal waarin het land na Mandela is beland, met het roven van de staat door de Indiase zakenfamilie Gupta tijdens het bewind van Zuma, is diep en diep triest.

in Mamelodi-East


Een van de rondavels...

Op de bestuursvergadering waarmee ik begon bespraken we de stand van de resterende projecten: het toneelproject van Busi en een afvalproject van veterane Baba. We steunen beide projecten nog met de middelen die op onze rekening staan. Ook hopen we een oral history-project van de grond te krijgen, mede naar aanleiding van de verhalen in De koerier van Maputo. En als klap op de vuurpijl willen we de restauratie van de rondavels eindelijk realiseren. Er is een Zuidafrikaanse stichting in oprichting en we hebben zicht op een forse financiële injectie. Zoals gezegd, het gaat niet goed met de gezondheid van Corina, maar de rest van het bestuur (Jan, Bert, Chris, Meluhli en ik) zal doorgaan met de stichting en daarmee met deze bijzondere erfenis van bijna dertig jaar oud..


zondag 20 februari 2022

De liquidatie van mijn Zuid-Afrikaanse vriend Mark. Een halve eeuw politieke herinneringen, aflevering 8.

 Dinsdag 23 december 2014, in een vakantiehuis op Terschelling: Audry krijgt ’s ochtends een bericht in Messenger uit Zuid-Afrika: “Er is een overval geweest. Mark is neergeschoten en is overleden”. We horen in de dagen daarna wat er gebeurd is van Mark’s vrouw Emelia. Mark-Anthony Williams was ’s nachts aan het werk in zijn huis aan de Creusot Avenue in Pretoria West. Er kwam een executiepeloton binnen. Mark werd doorzeefd met vijf kogels, hij beschermde met zijn lichaam nog de toegang tot de badkamer waar Emelia en de kinderen zich verstopten. Zijn laptop en telefoon werden meegenomen door de overvallers. Emelia wist het zeker: Mark was het slachtoffer van een politieke afrekening, omdat hij als topambtenaar op het ministerie van Water en Bosbouw een grote corruptieaffaire op het spoor was gekomen.

Op Oudejaarsavond reisde ik vanaf een leeg Schiphol via Londen en Kaapstad naar East London in de Oostkaap voor de begrafenis van Mark.

Mark bij vertrek uit Delft eind 1999

We leerden Mark kennen omdat Audry en ik deelnamen aan het programma Dutch Friends van het toonaangevende internationale waterinstituut IHE in Delft. Mark arriveerde daar in het najaar van 1998 voor een postdoctorale cursus in watermanagement. Wij kregen hem toegewezen als student in het ruime jaar dat hij in Delft was en al snel ontwikkelde zich een hechte vriendschap. Mark was leergierig, nieuwsgierig en politiek geëngageerd. Hij was toen hij aankwam geen specialist in watermanagement, maar civiel ingenieur. Hij was in het Zuid-Afrika van na de apartheid als vertrouweling van minister Kader Asmal op het ministerie van waterzaken benoemd. In Delft moest hij keihard werken om de cursus met succes te voltooien.

Na zijn terugkeer naar Zuid-Afrika hielden we via email contact. Hij haalde ons over om met onze kinderen naar Zuid-Afrika te komen en relativeerde de verhalen over het geweld in het land. Zo stuurde hij een kaart met daarop restaurant Den Anker in het Waterfront van Kaapstad, waar Belgische bieren, bitterballen en mosselen op het menu staan. We gingen drie keer drie weken naar Zuid-Afrika, in 2001, 2004 en 2011 en verbleven steeds de eerste week bij Mark en Emelia en hun kinderen Lauren en Scott, in het huis waarin hij vermoord zou worden. Via Mark en Emelia leerden we familieleden en vrienden kennen, zoals Kelvin Vollenhoven en Stanley Henderson. We werden voor altijd verliefd op het schitterende, gastvrije en ondanks alle geweld en tegenslagen optimistische land.


Mark werd geboren in de kleurlingentownship Park Side in East London. Zijn ouders Cyril en Freda werken in onderwijs en in het ziekenhuis. Mark ging naar school in East London en ging daarna studeren in Kaapstad in 1985. De studie kon hij toen door de politieke onrust van die tijd niet afronden. Pas in 1995 haalde hij een diploma aan het Peninsula Technical College als elektrisch ingenieur.

Als schooljongen begon Mark te schaken en hij bleek talentvol te zijn. Als niet-blanke mocht hij niet genoemd worden als winnaar van een toernooi van spelers onder 13 jaar. Een traumatische ervaring, hij zei: “Ik hou van Zuid-Afrika, maar haat de wetten”. Hij schoolde zich in het spel in de bibiotheek van Parkside onder leiding van Bobby Bussack. Mark werd een belangrijke schaker binnen SACOS, de South African Council on Sport, de non-raciale sportkoepel, verbonden met de anti-apartheidsbeweging. Mark was bewonderaar van Steve Biko – dè grote inspirator van het Zuid-Afrikaanse verzet in de periode die tot de val van de apartheid leidde - en toen ik hem leerde kennen een overtuigd (en niet onbelangrijk) lid van het ANC. 

Krant naar aanleiding van de moord op Steve Biko, gekregen van Mark

In alle mails en gesprekken keerde hij zich fel tegen de corruptie en het grote graaien binnen het ANC, hij was daarover kwaad en teleurgesteld, hij stond voor een eerlijke progressieve politiek en integriteit, hij was een van de mensen die het nieuwe Zuid-Afrika vorm kon geven vanuit een belangrijke overheidspositie.

In de achtertuin bij Mark in 2006, met Stanley Henderson en Wim Schut. Stanley imiteert Mohammed Ali

Op 2 januari 2015 troostte ik Emelia en de kinderen en de moeder van Mark in de ouderlijke woning aan Olive Road. De afscheidsdienst vond plaats in de plaatselijkje katholieke kerk St. Francis Xavier en ter plekke werd besloten dat ik een van de dragers van de kist mocht zijn. In de met 500 mensen volle kerk vertelde Marks vriend John Bennett, gekleed in ANC-kleding, over hun persoonlijke en politieke vriendschap en viel hij de corruptie binnen overheid en ANC aan. Minister Edna Molewa hield een toespraak waarin ze het doortastende optreden van Mark als manager memoreerde, hij blufte zich door een versperring heen om zelf een reparatie aan een leiding te verrichten -  en eindigde op zijn Zuid-Afrikaans door een prachtig lied in te zetten, een emotioneel moment.  De vertegenwoordiger van het ministerie, de leidinggevende van Mark, Zandile Makhathini, hield daarentegen een ongeïnspireerd verhaal. Na de dienst en het afscheid van Mark in de geopende kist gingen we naar het crematorium Cambridge en daarna na een receptie met uitgebreid eten in Marks basisschool AW Barnes. Op weg daarnaar toe zagen we vol ongeloof hoe Makhathini met een aantal getrouwen langs de kant van de weg een fles bubbels ontkurkten en een proost uitbrachten. “Kijk, ze vieren feest”, zei Sorrius, een vriend van Mark die eerder in Delft aan het IHE was geweest. Sorrius, John Bennett en ik dronken de emoties na afloop weg met whisky in het prachtig in de natuur gelegen grote huis van John buiten East London.



Na de begrafenis zijn er allerlei onderzoeken gedaan naar de toedracht van de moord.  Duidelijk is dat er geen sprake was van een roofmoord, maar van een politieke afrekening. Tot op heden is er niemand in staat van beschuldiging gesteld en is het onderzoek gestopt.. Ik benaderde mijn Nederlandse contacten Bart Luirink en Evelyn Groenink, actief in de Nederlandse anti-apartheidsbeweging AABN en schrijvers  van de (door mij bij Uitgeverij Sua uitgegeven) eerste post-apartheidsreisgids over Zuid-Afrika, om te kijken of we aandacht zouden kunnen krijgen in de Zuid-Afrikaanse publieke opinie. Bart en Evelyn woonden toen allebei (deels) in Zuid-Afrika. Het resulteerde in een goed stuk over de moord in het  toonaangevende weekblad Mail and Guardian, geschreven door Tabelo Thimse.  Duidelijk uit dit stuk en latere publicaties werd dat er op het ministerie op grote schaal was gefraudeerd met aanbestedingen rond grote irrigatieprojecten. Het leidde tot 138 vervolgingen, waaronder elf op managementniveau. Makhathini zelf werd ook ontslagen. Als verantwoordelijke voor die grote projecten was Mark die fraude op het spoor gekomen. Tegen zijn chauffeur Lazarus Sibolo bekende hij vlak voor de moord bang te zijn voor zijn leven. Iemand op het ministerie zei: “Hij stelde het inschakelen van bedrijven die hij niet competent achtte ter discussie en dat maakte hem niet populair”.

Ruim zeven jaar na dato maakt het me nog steeds verdrietig en woedend dat mijn geweldige vriend Mark het slachtoffer is geworden van de corruptie onder Zuma , met zijn werkelijk desastreuze invloed op de staat en op het ANC. En het doet pijn dat de achtergrond van de moord bekend, is maar dat de opdrachtgever en daders waarschijnlijk nooit veroordeeld zullen worden.


PS- Evelyn Groenink schreef voor ZAM-magazine ook een stuk over de moord tegen de achtergrond van de corruptie in het Zuid-Afrika van Zuma: https://www.zammagazine.com/arts/749-tussen-bittere-amandelen-en-goede-hoop-deel-v


Mark in 2011


maandag 12 september 2011

Een perfecte titel en een perfecte hoes bij een schitterende compilatie townshippop

THE INDESTRUCTIBLE BEAT OF SOWETO – VARIOUS ARTISTS (1985)

In mijn lijst met tien beste albums aller tijden moet ook een Afrikaanse titel zitten. Sinds een kwart eeuw heeft de Afrikaanse muziek een warme plek in mijn hart gekregen en heb ik een mooie collectie Afrikaanse en meer in het bijzonder Zuidafrikaanse muziek opgebouwd. Het is voor mij geen exotische wereldmuziek van arme drommels uit een verloren continent, maar stedelijke popmuziek die swingender, vrolijker, doorleefder, muzikaler en urgenter is dan bijna alle moderne westerse pop.

Mijn ontdekkingsreis begon in dit geval met neef Peter, die me kennis liet maken met de muziek van King Sunny Ade en Franco et le TPOK Jazz. Ik herinner me dat we op het Veemarktplein begin jaren tachtig ’s nachts keken naar een optreden van King Sunny bij Rockpalast: lange nummers, met prachtige gitaren en percussie. Het was fascinerend en het was wennen, het muzikale idioom was zo verschillend van wat ik gewend was. Alleen de Talking Heads waren in die jaren al bezig Afrikaanse invloeden in hun muziek te verwerken – echte voorlopers in dat opzicht.

Mijn eerste eigen Afrikaanse lp was The Indestructible Beat of Soweto, een verzameling van Zuidafrikaanse townshippop uit de eerste helft van de jaren tachtig, verschenen in 1985. Ik kreeg de plaat van mijn vriend Hugo voor mijn verjaardag. Al een kwart eeuw lang ben ik gek van deze compilatie – vandaar de keuze.

Een keuze die nog niet zo makkelijk was, gezien de onvoorstelbare hoeveelheid goede muziek er uit Afrika komt. The Indestructible Beat of Soweto moest concurreren met een serie andere prachtige albums, de meeste uit de toplanden Mali, Senegal en mijjn geliefde Zuid-Afrika. Elke plaat uit het oeuvre van Youssou N’dour, de nachtegaal van Senegal, verdient een plek in de top tien. Het oude en het nieuwe werk van Orchestra Baobab swingt en spettert met een relaxte nonchalance uit je boxen. Cheikh Lo maakte vorig jaar met Yamm een wereldplaat. De woestijnblues van Tinariwen is een klasse apart, alsof je midden in een bedoeïenentent in de woestijn Hendrix hoort gieren. De gitaarblues van Ali Farka Touré en de kora van Toumani Diabaté op hun soloalbums en hun gemeenschappelijke platen zijn van een meditatieve, bezwerende schoonheid , de vaak eeuwenoude composities benaderen de tijdloze genialiteit van Bach. Het blinde echtpaar Amadou en Mariam maakte met Dimache a Bamako en Welcome to Mali grootsteedse pop-cd’s van topkwaliteit. De Zuidafrikaanse jazzpianist Abdullah Ibrahim is een andere favoriet, met zijn subtiele pianojazz vol Afrikaanse invloeden. Zijn Cape Town Revisited kreeg ik van vriend Mark uit Zuid-Afrika, een cadeau voor het leven. Busi Mhlongo’s Urban Zulu is magistrale pop met invloeden van traditionele muziek; ik zag haar in Zoetermeer in het gezelschap van onze Zuidafrikaanse studente Zola. Busi, vorig jaar overleden, begroette Audry en mij meteen met een Zuidafrikaanse hug toen ze dag dat we een landgenote hadden meegenomen.

Toch is The Indestructible Beat of Soweto voor mij het allermooiste Afrikaanse album. De Zuidafrikaanse muzikale traditie is enorm rijk en divers, de traditionele muziek mengde hier met alle soorten westerse muziek. Zo ontwikkelde zich een rijke en levende traditie van specifieke Zuidafrikaanse (township)jazz. Met de opkomst van de popmuziek ontstond ook daarvan een zwarte Zuidafrikaanse townshipvariant, de mbaqanga. The Indestructible Beat bevat opnamen van de belangrijkste vertegenwoordigers van deze stijl uit de eerste helft van de jaren tachtig, samengesteld door de blanke Zuidafrikaanse emigranten Trevor Herman en Jumbo van Renen. Het is een stijl die nu helaas niet meer bestaat en is opgevolgd door de kwaito, de keiharde Zuidafrikaanse versie van de house; wat mij betreft geen vooruitgang.

De plaat bevat twaalf nummers van 9 groepen. De echte kenners zeggen dat er vier substijlen op de plaat te horen zijn: mbaqanga, mqashiyo, maskanda, and isicathamiya, de ene moderner, de andere meer traditioneel. Sommige artiesten hebben namen die niet te onthouden zijn: Nganezlyamfisa No Khambalomvaleliso, Udokotela Shange Namajaha. – De fantastische groep die hier figureert als Mahlathini Nezintombi Zomgqashiyo and the Makgona Tsohle Band werd in Europa enigszins bekend als Mahlatini and the Mahotella Queens. De enige echt bekende groep is Ladysmith Black Mambazo, juist, die van Paul Simons Graceland van een jaar later. Zij verzorgen het a-capella slotnummer, het meest traditionele en in die zin atypische nummer van de plaat.

Mahlatini (de leeuw van Soweto) zingt net als de meeste andere zangers in groan-stijl, een diepe, bijna dierlijke brulstijl, herkenbaar uit duizenden. We horen nummers die gaan over het dagelijks leven op het land en in de townships ten tijde van de nadagen van de apartheid. Accordeons, violen, orgels, swingende gitaren en een kraaiende haan begeleiden de zang op een voortdurend stuwende basis van bas en drums. Het ene nummer is nog mooier dan het andere en ze volgen elkaar in een prachtige volgorde op.

Er zijn veel andere mooie compilaties van Zuidafrikaanse townshipmuziek, maar de meeste kenners zijn het erover eens dat The Indestructible Beat of Soweto de allerbeste is. Een jaar later werd Graceland een wereldhit (en terecht - Paul Simon memoreerde laatst in de Vpro-gids dat kinderen van die jaar er nog steeds spontaan op beginnen te dansen); The Indestuctible Beat of Soweto plaveide een jaar eerder de weg voor de fijnproevers. De Amerikaane criticus Robert Christgau noemde het album het belangrijkse van de jaren tachtig. Het is muziek uit de walgelijke apartheidssamenleving, muziek die desondanks onweerstaanbaar vitaal, vrolijk en swingend is. De hoes geeft dat gevoel van die onweerstaanbare beat ook nog eens perfect weer. En de keren dat ik in Zuid-Afrika was, zoals afgelopen zomer, voelde ik die sfeer weer, dat warme bad, die onverwoestbare levenslustige beat.

PS – De vinyplaat heb ik ooit opgeruimd toen ik een cd gebrand heb van het album. Bij het schrijven van dit stuk kwam ik erachter dat die cd door de ouderdom ihmiddels beschadigd was. Gelukkig is hij nog nieuw te krijgen op het label Sterns/Earthworks. Op Spotify kun je het album ook vinden en er vrijblijvend naar luisteren.